Grootste Nederlandse toeristentrekker in 2015

De Zaanse Schans in Zaandam

De Zaanse Schans is een bijzondere woonwijk. De huizen die er staan, zijn er niet gebouwd, maar naar toe verhuisd. Door de Zaanse bloeiperiode moesten oude gebouwen plaatsmaken voor de nieuwe industrie. De oude gebouwen zijn opgepakt en naar Zaandam verhuisd. De Zaanse Schans is één van de mooiste stukjes Nederland, vol houten molens, schuren, woningen en musea. Allemaal opgetrokken in unieke Zaanse houtbouw-architectuur.

Bloeiperiode: 18e en 19e eeuw
De Zaanse Schans biedt een kijkje in de belangrijkste bloeiperiode van de Zaanstreek: de achttiende en negentiende eeuw. In de Zaanstreek, het oudste industriegebied van West-Europa, waren ooit tegelijkertijd zo’n zeshonderd windmolens actief. Dit was een direct gevolg van de handel in de Hollandse Gouden Eeuw (zeventiende eeuw). Dankzij creatieve Zaanse ondernemers rolden talrijke producten uit de industriemolens.

Uitvinding van de krukas
Aan de Zaanse bloeiperiode ging een belangrijke uitvinding vooraf. Dit was de uitvinding van de krukas door streekgenoot Cornelis Corneliszoon van Uitgeest in 1594. De krukas maakte het namelijk mogelijk om de horizontale windrichting op de molenwieken om te zetten in een verticale zaagbeweging. Hierdoor konden molens ineens op industriële wijze veel meer hout zagen dan ooit met de hand mogelijk was. Dit leverde enorm veel extra bouwmogelijkheden op.

Scheepsbouw
De zeer welvarende zeventiende eeuw – de Hollandse Gouden Eeuw – was een geweldige katalysator voor scheepsbouw en voor industriemolens in de Zaanstreek. De ligging van de streek, aan het water en onder de rook van Amsterdam, was ideaal tijdens de Gouden Eeuw. Dankzij de Zaanse ondernemingsgeest groeide de Zaanstreek in de 17e eeuw uit tot het centrum van handelsscheepsbouw in Europa. Maar liefst 26 scheepswerven lieten jaarlijks tussen de 100 en 150 schepen te water. Bijzonder om te melden is, dat de Zaanstreek tot het midden van de negentiende eeuw onder meer een belangrijk aandeel had in de walvisvaart.

Zaanse ondernemingsgeest
In de bloeiperiode ontwikkelde de Zaanstreek zich tot een toentertijd ongekend industriegebied, met op het hoogtepunt ruim zeshonderd actieve molens: houten fabrieken op windkracht. Hierdoor nam de productiecapaciteit enorm toe. Vervolgens
ontwikkelden de Zaankanters door allerlei handige vondsten verschillende soorten industriemolens, waar werkelijk van alles uitrolde. Machinaal gezaagd hout, papier, gemalen specerijen, olie voor voeding en verf, kleurstoffen, allerlei vezels, meel, cacaopoeder, etcetera. Vanzelfsprekend brachten deze ontwikkelingen, met name in de achttiende en negentiende eeuw, veel geld naar de Zaanstreek.
Overigens blonken de Zaankanters niet alleen traditioneel uit in ondernemersgeest, maar ook in gemeenschapszin. Zij deelden bijvoorbeeld technologische vernieuwingen en sloten onderlinge ‘brandcontracten’ af als verzekering tegen molenbranden.

Houtbouw
De welvaart in de achttiende en negentiende eeuw is op veel manieren zichtbaar in de Zaanstreek. Naast molens, schuren en andere panden verrezen er prachtige huizen van rijke moleneigenaars, handelaren en notabelen. Deze huizen hebben vaak zowel een mooie voor- als achtergevel (statussymbolen) en staan op de dijk langs rivier de Zaan, toen een zeer belangrijke verkeersader. De Zaanse Schans heeft in 2015 de meeste buitenlandse toeristen getrokken. Ruim 1,6 miljoen toeristen bezochten de bekende openluchtattractie, die is opgezet met de bedoeling historisch erfgoed te bewaren.

Nederland Monumentenland en haar onderdelen worden ondersteund door:

© Nederland Monumentenland 2019