De Grote Kerk, een kerk van ons allemaal!

Het is een bedenkelijke toppositie als een Rijksmonument niet meer kan rekenen op de zorg en de verantwoordelijkheid waarop het in alle voorgaande generaties wel steeds kon vertrouwen. De Grote Kerk aan de Kerkstraat in Hoogeveen, gebouwd in de 17de Gouden Eeuw is een dergelijk monument, beeldbepalend en karakteristiek in de historische ontwikkeling van Hoogeveen en onlosmakelijk daarmee verbonden.

Centraal gebouwd en zoals dat gangbaar was ook nog op de hoogst gelegen locatie. Meer dan achttien generaties kijken inmiddels mee over onze schouders en niet alleen over de onze, maar ook over die van bestuurders, dat zijn zij die direct in hoge mate verantwoordelijk zijn voor het behoud van dit monumentale kerkgebouw. De veranderingen die dit gebouw staan te wachten – en dat is mijn ervaring als voormalig lid en als adviseur van de Provinciale Monumenten Commissie – geven nog nauwelijks ruimte voor een opbeurend toekomstbeeld. Oorzaak is dat het gewoonlijk gaat om scrupuleuze besluiten – vaak opvallend aanwijsbaar op het kerkelijk erf – die geen enkele tegenspraak dulden en waarvan de draagwijdte gewoonlijk niet wordt overzien.

De overweging dat ons collectief bezit, onze kerkelijke monumenten in het recente verleden geen PKN als vader en een daaruit gedistilleerde CvK als moeder had, bood, althans beoordeeld vanuit de historische optiek, een aanmerkelijk betere toekomst. Kerkelijke gebouwen en zeker als men van mening is dat de kerk moet blijven voldoen aan het feitelijk gebruik, kunnen eigenlijk ook niet worden verhandeld of, zoals in dit geval, worden aangeboden aan een particulier ondernemer. Als voorbeeld: 10 kerkenraden in de Provincie Drenthe en 95(!) in de Provincie Groningen zagen van een dergelijk keuze bewust en weloverwogen af! In al deze gevallen stond elke kerkenraad maar één doel voor ogen: het veilig stellen van een passend gebruik en dat gekoppeld aan een blijvend gebruik voor kerkdiensten.

Niet alleen voor deze, maar met het oog op de toekomst, óók voor alle volgende generaties! Juist dit laatste is altijd het frictiepunt en het óók nooit op te lossen probleem in de onderhandelingen met elke particulier: Alle afspraken waaronder óók de goed bedoelde overeenkomsten, zullen daarom nooit verder kunnen reiken dan ten hoogste één generatie en mocht de heer Vos eerder sneven zelfs zoveel korter.. Dáár ligt ook precies het probleem dat het College van Kerkrentmeesters gemakshalve maar omzeilt als in de laatste Kerkentrommel in alle eenvoud wordt gezegd: ’Wij willen de Grote Kerk als Rijks Historisch monument behouden’, want, en met enige kennis van zaken, kan ik zeggen, zo eenvoudig ligt dat zeker niet en een CvK speelt hierin zelfs nauwelijks een rol.

De kans dat de kerk als gevolg van het veranderend gebruik en alles wat daarmee samenhangt als Rijksmonument van het Nationaal Plateau wordt verwijderd is er in elk geval, het probleem ligt zo gezegd voor het oprapen. In dit verband dit voorbeeld: aan het eind van de jaren vijftig stond de Hoofdstraatkerk – een overigens goede vertegenwoordiger van de eclectische architectuur- op de nominatie om als Rijksmonument te worden voorgedragen. Zowel het in-als exterieur, zij schoorden beiden hoog. Want dit laatste, en daar gaat het om, dat is de samenhang en de verwevenheid tussen binnen en buiten.

Het provinciale voorstel kwam abrupt tot een einde als gevolg van een grote interne verbouwing, waarbij vrijwel alle zaken, die voor de zo kenmerkende architectuur bepalend was, volledig verdween. De nominatie werd daarom door de minister niet gehonoreerd. De plaats van de kerk op de Provinciale Monumentenlijst als alternatief werd door de Provincie Drenthe in 2006 ook beëindigd, want na de daarop volgende verbouwing appelleerde vrijwel niets meer aan het eigen historisch verleden. De kerk kreeg tenslotte nog een plaats op de Gemeentelijke Monumentenlijst. De gemeente Hoogeveen heeft enkele jaren geleden deze monumentenlijst opgeheven, met het gevolg dat het kerkgebouw nu geen enkele status meer heeft en dat zelfs een sloopvergunning nog nauwelijks kan worden geweigerd. Indachtig deze dramatische ontwikkeling is het is zo langzamerhand de vraag of de Grote Kerk dan nog wel in veilige handen is: Een actuele vraag nu het College van Kerkrentmeesters, vijf leden en, gelet op de bezetting, in meerderheid is vertegenwoordigd door onze ex- gereformeerde broeders/zusters.

Samen zijn zij belast met het beheer en zijn zo verantwoordelijk voor alle kerkelijke gebouwen. Een goed en zorgvuldig, en daarom een breed gedragen, overleg is in dit soort zaken altijd een eerste voorwaarde een openheid naar alle betrokkenen die niet kan worden gemist! Tweede overweging is dat er wordt beseft dat de kerk niet alléén het eigendom is van wélke kerkelijke instelling dan ook, maar in essentie en in de context van zijn historisch verleden, eigendom is van een hele gemeenschap, dus de gemeenschap Hoogeveen. Eigenlijk een participatievorm die zelfs elk kerkelijk bezit overstijgt! Dit markante Rijksmonument is daarom het onvervreemdbaar eigendom van ons allemaal!

 

Nederland Monumentenland en haar onderdelen worden ondersteund door:

© Nederland Monumentenland 2019