Wist je dat… op 11 juli 1855 Haarlemmermeer officieel een Nederlandse gemeente werd?

Al in de 17e eeuw werden, onder andere door Jan Adriaenszoon Leeghwater, plannen gemaakt om het Haarlemmermeer droog te malen. Eind 1836 hadden twee stormen het water tot de poorten van Leiden en Amsterdam opgejaagd, waarna koning Willem I in 1837 besloot dat het meer moest worden drooggemalen. Pas toen in 1839 Amsterdam en Leiden weer te kampen hadden met overlast kwam er daadwerkelijk schot in de zaak. Na acht jaar graven was het meer volledig afgesloten door een ringdijk van 59,5 km lengte en 0,70 tot 1,70 m hoogte. Inmiddels was besloten de droogmaking volledig met stoomkracht te verrichten: een unicum in die tijd, want tot dan werden vooral windmolens gebruikt.

Met dit stukje typisch Hollandse ingenieurskunst zijn een aantal zeer kenmerkende monumenten verbonden. In 1845 werd eerst een proefstoomtuig gebouwd, het Gemaal De Leeghwater bij de Kaag, dat in 1848 begon met het droogmalen. In 1849 werden de andere twee stoomgemalen in gebruik genomen: Gemaal De Cruquius bij Heemstede en Gemaal De Lynden bij Osdorp. Uiteindelijk viel het meer op 1 juli 1852 droog.

Dwars door Haarlemmermeer loopt een deel van de Stelling van Amsterdam, die op de werelderfgoedlijst van UNESCO staat. Het Haarlemmermeerse deel van de Stelling bestaat uit: Fort bij Vijfhuizen, Batterij aan de IJweg, Fort bij Hoofddorp, Batterij aan de Sloterweg en Fort bij Aalsmeer. De Geniedijk verbindt de forten en batterijen met elkaar. Naast het Fort bij Hoofddorp staat de enige nog overgebleven windmolen in de Haarlemmermeer: molen De Eersteling (bouwjaar 1856 en in 1977 verplaatst naar de huidige locatie).

 

De initiatiefnemers zijn:
Deze website komt mede tot stand in samenwerking met:

© Nederland Monumentenland 2014